Hoe versterken we de natuur rond de strekdammen bij Bath?

In de Westerschelde, bij het dorp Bath, werkt Provincie Zeeland aan het herstellen van de buitendijkse natuur. Door maatregelen als het aanleggen van strekdammen wordt dit uiteindelijk weer een ecologisch aantrekkelijk gebied. Uniek aan dit project is de toevoeging van lavasteen in enkele strekdammen. In samenwerking met de HZ University of Applied Sciences wordt onderzocht of dit meer natuurlijke materiaal een stimulans voor de biodiversiteit kan zijn. Is het mogelijk om de harde infrastructuur aan de randen van de Westerschelde natuurinclusiever te maken?

“Een prachtig gebied om in te mogen werken,” zo beschrijft Arno Melaard het gebied in de Westerschelde. “Het is een uniek dynamisch stuk van de rivier waar de schepen vlak langs de kust varen en waar we tegelijkertijd ruimte willen geven aan de natuur.” Als omgevingsmanager bij Provincie Zeeland is Arno betrokken bij het Natuurherstelproject Bath. Hij is de schakel tussen het project en de omgeving.

Natuurherstel bij Bath

Het project bij Bath bestaat uit verschillende werkzaamheden. Er zijn acht strekdammen aangelegd, met op één strekdam een hoogwatervluchtplaats voor vogels. Tussen de acht strekdammen is ook een bestaande strekdam hersteld. Daarnaast is de geulrandverdediging met een lengte van 2,5 kilometer versterkt. De strekdammen liggen dwars op deze geulrand. Deze werkzaamheden hebben als doel om de kwaliteit van de natuur te verbeteren. De strekdammen zorgen voor een afname van de stroomsnelheid in dit deel van de Westerschelde. Hierdoor vindt er zand- en slibaanzetting plaats en wordt de bodem opgehoogd. In het slib zit ook veel voedsel voor vogels en andere dieren. Dat zorgt voor een stimulering van de biodiversiteit in het gebied. Arno: “Een aanvulling op dit natuurherstelproject is het toepassen van lavasteen in de strekdammen.”

Harde infrastructuren toch natuurinclusief?

De proef met lavasteen wordt uitgevoerd in samenwerking met de HZ University of Applied Sciences. “We hebben al meer van dit soort onderzoeken gedaan,” vertelt Wietse van de Lageweg, docent-onderzoeker bij de HZ. De aanleiding voor deze onderzoeken was de observatie dat veel van de kustverdediging bestaat uit harde infrastructuren. Deze zijn echter minder geschikt voor de ontwikkeling van ecosystemen. Wietse: “Het idee ontstond om waterveiligheid en ecologie te combineren. Kunnen we geen harde keringen maken, die zowel zorgen voor veiligheid, als ook een stimulans zijn voor de lokale ecologie? We hebben daarom onder andere bij een dijkversterkingsproject in de Oosterschelde gekeken hoe we de waterveiligheid kunnen borgen, maar tegelijkertijd ook kansen bieden voor een hogere biodiversiteit. Hierbij brachten we variaties aan in de vorm en soorten stenen die daar zijn neergelegd.”

Verschillende materialen, vormen en structuren

De stenen die namelijk normaal worden aangebracht zijn relatief glad. Dit maakt het moeilijk voor planten en dieren om zich daaraan te hechten. Hoe ruwer de steen zoals bij lavasteen, hoe makkelijker dit wordt. Wietse: “We hebben een aantal gecontroleerde veldexperimenten gedaan en met elkaar vergeleken. Daar kwam een aantal positieve bevindingen uit. Interventies waarbij je de waterveiligheid borgt, maar tegelijkertijd een extra stapje zet voor de ecologie. Die gedachte hebben we met de proef in Bath voortgezet.”

Proef met de lavasteen

Voor deze proef is gekozen voor het toevoegen van lavasteen in de strekdammen. Dit heeft aannemer Van Oord Nederland B.V. afgelopen zomer gedaan. Arno: “Lavasteen heeft een poreuze structuur en is sterk vochthoudend. Dat biedt kansen voor verschillende planten en dieren die in de Westerschelde leven.” Deze kunnen zich vestigen in de holtes van de lavastenen zelf, én tussen de stenen. Om goed vergelijkingsmateriaal te hebben is bij twee dammen veel lavasteen aangebracht, bij twee dammen weinig lavasteen en dan nog twee dammen waar geen lavasteen is aangebracht. Uniek aan deze proef is dat de lavastenen los tussen de grove breukstenen zijn geplaatst. Arno: “De Westerschelde is een open zeearm met sterke stromingen: getijstroming en stroming veroorzaakt door golven en wind. Zo zou er veel van de lavasteen kunnen verdwijnen.” Met de proef wordt hopelijk ook duidelijk of de lavasteen op z'n plek blijft liggen en wat de optimale hoeveelheid lavasteen is om toe te voegen.

Monitoren

De komende jaren worden de ontwikkelingen gevolgd. Wietse: “We kunnen nu nog niet zo veel zeggen over wat we zullen aantreffen, omdat het monitoren nog moet starten. De opzet is wel heel slim gekozen. Waarbij eigenlijk alleen de lavasteen de variabele is en we de strekdammen goed kunnen gaan vergelijken.” Op basis van de resultaten uit de eerdere onderzoeken is Wietse optimistisch. “Ik verwacht dat we een positief effect van de lavasteen op de biodiversiteit zullen zien. Met dit onderzoek kunnen we dat bevestigen en weer verder ontwikkelen. Daarnaast is het voor onderzoekers en studenten gaaf om met deze unieke opzet, die erg tot de verbeelding spreekt, aan de slag te gaan.”

Kansen voor in de toekomst

Het onderzoek staat nog aan het startpunt. Daarom valt er nog weinig te zeggen over de resultaten. Arno: “Mocht de proef succesvol zijn, dan is deze techniek ook mogelijk in andere herstelwerkzaamheden.” Wietse: “De Westerschelde is in die zin niet uniek, dus je ziet veel dezelfde trends en ontwikkelingen in andere open zeearmen en deltagebieden met veel harde kustverdediging. Hoewel je altijd de lokale omstandigheden goed in kaart moet brengen, kan het gebruik van materialen als lavasteen ook op andere plekken de potentie hebben om de biodiversiteit te vergroten.”

“De bocht van Bath is berucht en beroemd bij schepen en onderzoekers. Iedere partij heeft zo zijn eigen expertise en we hebben elkaar nodig om tot dat integrale antwoord te komen.”

Fijne samenwerking

Naast Provincie Zeeland en HZ University of Applied Sciences zijn meer partijen betrokken bij het project. Zo werkt de provincie ook samen met onder andere Staatsbosbeheer, Rijkswaterstaat, Waterschap Scheldestromen en de gemeente Reimerswaal. Ook de HZ werkt samen in een consortium met onder andere Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee (NIOZ), Wageningen Marien Research (WMR) en Deltares. Wietse: “Het is een complexe situatie. De bocht van Bath is berucht en beroemd bij schepen en onderzoekers. Iedere partij heeft zo zijn eigen expertise en we hebben elkaar nodig om tot dat integrale antwoord te komen.” Arno: “Met alle partijen hebben we een hele fijne en probleemloze samenwerking. Dat maakt dit proces ook tot een groot succes.”

Interessant? Deel de pagina!