De ontwikkelingen en uitdagingen van 2020


Agenda voor de Toekomst

In 2019 is de VNSC met de roadmap een nieuwe fase van de Agenda voor de Toekomst ingegaan. Inmiddels zijn we alweer een tijd op weg. Zowel het onderzoeksprogramma als de langetermijnperspectieven hebben in 2020 stappen gemaakt. Maar wel onder bijzondere omstandigheden. Door het coronavirus moesten onderzoekers, beleidsmakers en stakeholders noodgedwongen op een andere manier met elkaar samenwerken en kennis delen. In dit artikel nemen wij je mee in de belangrijkste ontwikkelingen van de Agenda voor de Toekomst.

Onderzoek in uitvoering

Het onderzoeksprogramma van de Agenda voor de Toekomst is volop in uitvoering. Zo is binnen het thema sediment met de proefstortingen en het onderzoek ‘Storten in diepe delen’ de afgelopen jaren veel kennis vergaard. Frederik Roose, voorzitter van de werkgroep Onderzoek en Monitoring (O&M) namens Vlaanderen: ‘’Deze kennis is essentieel voor de komende vergunningsaanvraag voor het onderhoud van de vaargeul. Op basis van de onderzoeken stellen Rijkswaterstaat en Maritieme Toegang samen een nieuwe stortstrategie op. Dit voorstel zit in de afrondende fase en zal begin 2021 in procedure worden gebracht. In 2022 gaat de nieuwe vergunningsperiode in’’. Tijdens een kennisdelingssessie in februari werden stakeholders bijgepraat over de nieuwe kennis en inzichten naar stortingen in diepe delen van de vaargeul. Meer informatie is te vinden in het verslag van de kennisdelingssessie en het artikel Storten in diepe delen.

Ook binnen de andere thema’s van het onderzoeksprogramma is vooruitgang geboekt. In mei stond tijdens een online kennisdelingssessie het onderzoek naar het zoetwaterdebiet in de Boven-Zeeschelde centraal. Universiteit Antwerpen liet met studies zien dat algengroei van groot belang is voor verbetering van het ecosysteem. Algen vormen de basis van de voedselketen in de Schelde. Voor algengroei mag het debiet niet te hoog zijn, anders spoelen ze uit, maar ook zeker niet te laag. Belangrijke aanbeveling uit dit onderzoek: om de juiste onder- en bovengrens te realiseren is het nodig om de debietverdeling nog eens te bekijken vanuit het oogpunt van alle gebruikers, zoals de scheepvaart, landbouw en ecologie. Dit soort inzichten zijn van groot belang voor onder andere de langetermijnperspectieven van de VNSC.

Naast deze twee voorbeelden werkt de VNSC aan tal van andere onderzoeks- en monitoringsactiviteiten. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in de thema’s sediment, natuur, klimaat en evaluatie en rapportage. Op de hoogte blijven? Meld je aan voor de Scheldetopics of neem gerust deel aan de kennisdelingssessies.

Nieuwe organisatiestructuur

Het goed managen van de kwaliteit en het proces van al deze onderzoeken vraagt om een strakke organisatie. Op basis van aanbevelingen uit de eerste fase van de Agenda voor de Toekomst is in 2019 flink geïnvesteerd in het opbouwen van een nieuwe organisatiestructuur. ‘’Daar plukken we nu de vruchten van’’, aldus Joost Backx – voorzitter van de werkgroep O&M namens Nederland. ‘’Centrale spil in de nieuwe structuur is het coördinerend team waar we de uitvoering van het onderzoeksprogramma coördineren. Parallel daaraan organiseren we samenwerkingsdagen zodat de uitvoerende onderzoekspartijen elkaar inhoudelijk kunnen informeren en voor verbinding en samenhang tussen de verschillende onderzoeken kunnen zorgen.’’

Kennisdeling als fundament

Een ander en nieuw platform binnen de structuur van het onderzoeksprogramma zijn de kennisdelingssessies. Fysieke en online bijeenkomsten waar onderzoekers, beleidsmakers en stakeholders samenkomen om onderzoeksresultaten te delen en te bespreken. Joost: ‘’De kennisdelingssessies vervullen een belangrijke rol op het gebied van Joint Fact Finding. Door proactief kennis met elkaar te delen en samen te discussiëren over resultaten en conclusies, zorgen we ervoor dat stakeholders en VNSC over dezelfde juiste en actuele informatie beschikken.

Informatie die van pas komt in trajecten waar standpunten en visies worden uitgewisseld over de toekomstige ontwikkeling van het Schelde-estuarium, zoals de langetermijnperspectieven en de Schelderaadvergaderingen. Met de kennisdelingssessies zorgen we voor een stevige brug tussen onderzoek en beleid.’’

Digitaal tijdperk

De voorzitters van O&M kijken terug op een productief en bewogen jaar. Frederik: ‘’Er zijn bergen werk verzet. Zowel op organisatorisch vlak als in de uitvoering van het onderzoek. De coronacrisis zorgde daarbij voor extra uitdagingen. Niet zozeer voor de uitvoering van het onderzoek, dat kon in de meeste gevallen gewoon doorgaan. Maar wel op de manier van samenwerken en kennis delen. Maar ook dat gaat digitaal inmiddels heel natuurlijk. De online kennisdelingssessies worden zelfs beter bezocht dan de fysieke bijeenkomsten daarvoor. Tegelijkertijd blijft het een uitdaging om digitaal voldoende diepgang en interactie te bieden.’’

Kennis is nooit af

Joost verwacht dat de lijn van dit jaar voortgezet zal worden in 2021. ‘’Dat zal wederom een jaar zijn met veel onderzoeken in uitvoering. Ik zeg weleens: ‘kennis is nooit af’. Nieuwe inzichten roepen vaak weer nieuwe vragen op. En dus nieuwe onderzoeken op. Vandaar dat we als coördinerend team O&M ieder jaar een werkplan maken waarin we het onderzoeksprogramma van de VNSC actualiseren en aanscherpen. Het plan voor 2021 is nu zo goed als klaar.’’

Ontwikkelingen en knelpunten toegankelijkheid in beeld

Het Langetermijnperspectief Toegankelijkheid (LTP-T) sloot in 2020 een belangrijke fase af. Na een positief advies van de Schelderaad, stelde de het ambtelijk college van de VNSC de systeemanalyse in juni 2020 vast. Overheidsorganisaties, Scheldehavens, vakorganisaties, natuurorganisaties, rederijen en nautisch dienstverleners uit Vlaanderen en Nederland hebben met elkaar de balans opgemaakt: hoe toegankelijk zijn de Scheldehavens op dit moment en welke knelpunten en ontwikkelingen verwachten we de komende jaren?

Hoofdconclusies

Dieter Sauvage, projectleider LTP-T namens Vlaanderen, antwoordt: ‘’Uit de systeemanalyse blijkt dat evolutie in schaalvergroting, in zowel de zeevaart als de binnenvaart, een van de belangrijkste ontwikkelingen is. Hierdoor komen er steeds meer grote schepen naar het gebied. Daarnaast zien we dat het merendeel van de schepen die nu nog nét tij-onafhankelijk kunnen varen (+/-13m diepgang) ook groter wordt. Het schuift dus allemaal op richting groter, breder en dieper. Tegelijkertijd ontstaat er ruimtelijk druk door de verschillende doeleinden waarvoor het Scheldegebied gebruikt wordt. Kruisende infrastructuren zoals bruggen kunnen (tijdelijk) voor hinder zorgen. Door de dynamische morfologie verondiepen geulen, en door klimaatverandering schommelt het waterpeil. En nieuwe technologieën zoals smart shipping zorgen voor uitdagingen.’’

Hoe verder?

LTP-T sluit 2020 af met een plan van aanpak waarin staat beschreven hoe de knelpunten verder opgepakt kunnen worden. Dieter: ‘’Met sommige knelpunten zijn we al concreet aan de slag, maar een aantal dient nog grondig onderzocht te worden. Zo willen we bijvoorbeeld duidelijk in beeld hebben hoe de trend van schaalvergroting zich verder ontwikkelt. 2021 staat voor LTP-T dus in het teken van onderzoek én actie. Uiteraard in samenwerking met de stakeholders.’’

Toegankelijkheid en natuur in samenhang

Parallel aan LTP-T werken stakeholders samen met de VNSC aan een langetermijnperspectief voor natuur (LTP-N). ‘’Deze twee trajecten zijn nauw met elkaar verbonden’’, vertelt Vincent Klap in zijn rol als projectleider LTP-N namens Nederland. ‘’De kennis die wij hebben opgedaan met onze systeemanalyse hebben we proactief gedeeld met onze collega’s van LTP-T. En dat geldt andersom natuurlijk ook. In de volgende fase waarin we toewerken naar concrete doelstellingen en mogelijke maatregelen zoeken we uiteraard ook de verbinding. Want als je in het Schelde-estuarium aan één knop draait heeft dat meteen impact op andere functies in het systeem. Dat is ook de reden dat we veel dezelfde stakeholders deelnemen aan LTP-T én LTP-N."

Heldere procesafspraken fase 2 LTP-N

Met het vaststellen van de systeemanalyse voor natuur kwamen de VNSC en Schelderaad in 2019 tot de gezamenlijke eindconclusie dat de natuur in het Schelde-estuarium nog niet voldoende robuust en veerkrachtig is. Er zijn weliswaar ook positieve ontwikkelingen, maar met het oog op de toekomst is verbetering en dus actie nodig. Jannie Dhondt, projectleider LTP-N namens Vlaanderen: ‘’Voordat we hier met elkaar inhoudelijk het gesprek over aangaan hebben we het afgelopen jaar geïnvesteerd in het ophalen en managen van ieders verwachtingen. Wat wordt de scope van de volgende fase, welke dilemma’s voorzien we en hoe zorgen we voor open discussies? En wat verstaan we überhaupt onder ‘robuuste en veerkrachtige natuur’? Tijdens fysieke en digitale bijeenkomsten hebben we hier met elkaar over gesproken. Dit heeft geleid tot een plan van aanpak voor fase 2 van LTP-N.’’

Dialoogaanpak

Bij het opstellen van een toekomstperspectief, bijbehorende strategische keuzes en denkbare maatregelen voor een robuuste en veerkrachtige natuur zullen dilemma’s en twistpunten aan de orde komen. Om hier ruimte aan te geven en constructief mee om te gaan kiezen VNSC en Schelderaad voor een dialoogaanpak. Frans Weekers, voorzitter van de Schelderaad, vertelt hoe dat in de praktijk vorm krijgt: ‘’Verschil van meningen en inzichten zijn er. Daar hoeven we niet geheimzinnig over te doen. Vraagstukken die verschillende belangen raken moeten besproken en onderzocht worden om inzicht te krijgen waar ruimte voor consensus is. Hiervoor is een veilige omgeving, transparante communicatie en heldere afspraken over hoe en wanneer besluitvorming plaatsvindt cruciaal.’’

Digitaal verbonden

De coronacrisis zorgt voor extra uitdagingen op het gebied van stakeholderparticipatie. Want hoe krijg je een open gesprek en bouw je aan relaties in tijden waarin je elkaar niet fysiek kunt ontmoeten? Frans Weekers: ‘’Dat is zeker een uitdaging! Mijn eerste vergadering als voorzitter van de Schelderaad in april dit jaar was digitaal. Ik had veel behoefte om mensen 1-op-1 te spreken. Daarom ben ik op dit moment bezig met persoonlijke kennismakingen met de stakeholders. Het liefst fysiek, maar als het niet anders kan digitaal.’’ Ook de eerste inhoudelijke werkbijeenkomst van LTP-N vindt op 10 december digitaal plaats.

Actualisatie juridisch en beleidsmatig kader

Voor de vervolgfase van het LTP-N hebben de stakeholders aangegeven behoefte te hebben aan een actueel beeld van het juridisch en beleidsmatig kader van de Natura2000-regelgeving. Sinds de goedkeuring van de Ontwikkelingsschets 2010 en de vertaling in de nieuwe Scheldeverdragen zijn er tal van nieuwe inzichten ontstaan rond de interpretatie en toepassing van het Europese beleidskader. De VNSC en Schelderaad hebben afgesproken dat het waardevol is om die ontwikkelingen te inventariseren en hun relevantie voor het Scheldebeleid te toetsen. Hiermee wordt het juridisch en beleidsmatig kader voor de verdere ontwikkeling van het Scheldebeleid voor iedereen helder. Een belangrijke voorwaarde om ook in fase 2 van LTP-N op een goede manier invulling te geven aan Joint Fact Finding. Onder leiding van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit wordt de actualisatie in de eerste helft van 2021 uitgevoerd.

Interessant? Deel de pagina!